Geschiedenis Ambras
Toneelgroep Ambras is voortgekomen uit een studentenvereniging, waarvan enkele leden regelmatig aan toneel en cabaret deden. Die vereniging ging in 1968 ter ziele, maar bij een groep oud-leden bleef het verlangen leven om ooit weer op de planken te staan. Het duurde tot 1981 voor zij hun droom werkelijkheid konden laten worden. Op 10 september van dat jaar werd toneelgroep Ambras opgericht. Ambras is een oud Zuid-Nederlands dialectwoord dat 'een rommeltje', 'een zootje ongeregeld' of 'een hoop drukte'betekent. Dat je met een hoop Ambras toch ver kunt komen, bewijst de toneelgroep die in het seizoen 2006/2007 haar 25-jarig bestaan vierde en inmiddels op weg is naar het zesde lustrum.
Eerste uitvoeringen
In het seizoen 1982/1983 zette Ambras de eerste voorzichtige schreden op de bühne met de twee eenakters ‘Waar is het lijk’ en ‘ut Sjpreeëkkeëmerke’. De eerste in het Nederlands en de tweede in het dialect om te testen welk soort toneel bij het publiek het beste in de smaak zou vallen. De eerste voorstelling in januari 1983 vond plaats in de aula van de toenmalige Mavo Petrus en Paulus in Schaesberg. Het ‘Sjeeter’(=Schaesbergs) publiek viel onmiddellijk voor het dialecttoneel.
Lach en traan
Sindsdien bleef januari de vaste Ambrasmaand en wordt elk jaar in de eerste weken van het jaar een nieuwe voorstellingen op de planken gebracht. Toneelgroep Ambras heeft er een traditie van gemaakt om elk jaar met een complete verrassing voor de dag te komen. Het ene jaar krijgt het publiek een ouderwetse dijenkletster voor geschoteld, terwijl het jaar erna een serieuzere toon wordt aangeslagen. Zo volgden de afgelopen jaren kluchten van regionale schrijvers als de Kerkradenaar Hans Stelmann op uitvoeringen van toneelstukken van Shakespeare, Moliere, Jack Popplewell, Alan Ayckbourn en Pavel Kohout. Naast de bulderende lach (die er bij Ambras altijd moet zijn) wordt ook de stille glimlach of de traan niet uit de weg gegaan.
Grotere zaal
De vaste fans herinneren zich de legendarische familieruzies in ’t Kommuniefes’ en het grindpad voor het stuk ‘Dea vleeger geet nit op’ dat elke week opnieuw in de school uitgelegd moest worden, want de aula werd door de week voor de leerlingen gebruikt. Begin jaren negentig was Ambras in het Mavogebouw uit haar voegen gegroeid. De zaal kon maar maximaal 200 toeschouwers herbergen én nog meer dan de gebruikelijke vijf voorstellingen, was voor de acteurs een te grote opgave. Bij gebrek aan een geschikt cultureel centrum in Schaesberg, werd de oplossing gevonden in een grotere aula van een andere plaatselijke middelbare school, de voormalige LTS, nu Eijkhagencollege. Hier kunnen elk jaar maximaal 1500 toeschouwers de verrichten van Ambras volgen.
Decors
In de nieuwe zaal debuteerde Ambras met een voorstelling die de annalen inging als ‘het stuk met de hemel’ maar eigenlijk ’t Testament van d’r honk’ heette. Het was een middeleeuws komediespel, waarin eerst alles en iedereen vermoord werd en in het laatste bedrijf het spel letterlijk in de hemel werd voortgezet, compleet met Jezus en Maria, engelen en duivels. De jaren daarna werd de bühne omgetoverd in een hotel, een kermis, een circus, een ziekenhuiskamer en huiskamers van diverse inrichtingen en afmetingen.
Eenakters en wagenspelen
Tussen de avondvullende producties door was Ambras in de jaren tachtig ook regelmatig op jaarmarkten en braderieën te zien met wagenspelen. En zo nu dan experimenteerde de toneelgroep ook met eenakters, onder meer om nieuw acteurs de kans te geven zich te presenteren.
Vóór en achter de schermen
Wat de leden - zowel de acteurs als de andere betrokkenen achter de schermen – betreft: de meeste mensen van het eerste uur zijn nog steeds van de partij, terwijl de vereniging bijna elk jaar ook nieuwe gezichten zag komen en helaas enkele verdwijnen.
Regie
In de eerste jaren van haar bestaan tekenden eigen leden van Ambras voor de regie. De laatste jaren worden alleen professionele of semi-professionele regisseurs ingehuurd. Ambras is er trots op dat haar voorstellingen altijd een bijzonder karakter hebben. Het is elk jaar anders en de spelersgroep wordt elk jaar zo gevarieerd mogelijk samengesteld. Ook op het decor en aankleding van de zaal laat Ambras elk jaar opnieuw haar fantasie los. Wie naar een voorstelling van Ambras gaat, weet vooraf nooit wat het wordt, wél dat het verrassend wordt. En naar de acteurs hopen: ook leuk!
